| De Panchen Lama |
|
De Panchen Lama is na de Dalai Lama de belangrijkste religieuze leider van Tibet. Na de dood van de Panchen Lama in 1989, ging een commissie in opdracht van de Dalai Lama, geheel volgens de Tibetaanse traditie op zoek naar zijn reïncarnatie. China mengde zich in deze kwestie door zelf op zoek te gaan naar een nieuwe Panchen Lama. Zowel de Dalai Lama als de Chinese autoriteiten wezen een nieuwe Panchen Lama aan. De door de Chinezen aangewezen Panchen Lama is officieel geïnstalleerd, de door de Tibetanen aangewezen Panchen Lama is in 1995 op 6-jarige leeftijd samen met zijn ouders gearresteerd. Sindsdien is nooit meer wat van hem vernomen.
Geschiedenis van de Panchen LamaDe functie van Panchen Lama werd in de zeventiende eeuw ingesteld door de Vijfde Dalai Lama. Uit dankbaarheid benoemde hij zijn leermeester tot abt van het Tashilunpo-klooster in Shigatse. Dit is één van de belangrijkste kloosters in Tibet. Tevens wees hij zijn leermeester aan als reïncarnatie van de Boeddha Amithaba, één van de vijf Hemelse Boeddha's.In het boeddhistische pantheon is Amithaba de spirituele vader van Chenrezig, van wie de Dalai Lama een reïncarnatie is. Hiermee gaf de Dalai Lama de verhouding tot zijn leermeester weer. De leermeester kreeg de naam Panchen Lama, hetgeen Wijze Leraar betekent. De leraar werd de Vierde Panchen Lama, aan zijn voorgangers in het Tashilunpo-klooster werd deze titel postuum verleend.
Spiritueel meerdereDaar waar de Dalai Lama wereldlijk en geestelijk leider van Tibet is, is de Panchen Lama zijn spiritueel meerdere. Ondanks de goede bedoelingen van de Vijfde Dalai Lama ontstond hiermee in feite een tegenstelling. Deze werd nog eens versterkt door de rivaliteit tussen het Tashilunpo-klooster in de provincie Tsang en de kloosters in Lhasa in de provincie U.Aan de ene kant waren de Dalai Lama's en de Panchen Lama's betrokken bij elkaars opvoeding en het aanwijzen van elkaars reïncarnatie, aan de andere kant liep de tegenstelling van tijd tot tijd uit tot een machtsstrijd tussen beide reïncarnaties. De Mantsjoe-dynastie, die op dat moment over China heerste, stationeerde in de achttiende eeuw vertegenwoordigers in Lhasa, ambans genaamd. Deze probeerden de Panchen Lama op hun hand te krijgen en mengden zich in de opvolgingprocedure van de Dalai Lama en de Panchen Lama.
Gouden vaasIn 1792 werd per decreet besloten dat de opvolgers in aanwezigheid van de Chinese ambans gekozen moesten worden. De namen van de meest geschikte kandidaten moesten in een gouden vaas, een geschenk van de Chinese keizer, gestopt worden en vervolgens zou er één uitgekozen worden. De Panchen Lama en Dalai Lama moesten de uiteindelijke kandidaat wel goedkeuren.Deze methode is een aantal keer gebruikt, bij de aanwijzing van drie Dalai Lama's en twee Panchen Lama's. Toen de Chinese invloed in Lhasa afnam, zijn de Tibetanen met dit systeem gestopt. China ziet in het gebruik van de gouden vaas echter een historische rechtvaardiging van zijn inmenging in de opvolgingskwestie.
|




