|
JPAGE_CURRENT_OF_TOTAL
Liberalisering
Vanaf het einde van de jaren ’70 werd aan religie meer ruimte gegeven. De Chinese leider Hu Yaobang vond dat door China in Tibet ernstige fouten waren gemaakt, vooral tijdens de Culturele Revolutie, en gaf dit in 1980 tijdens een bezoek aan Tibet ook in het openbaar toe. Als gevolg van deze ontwikkelingen werd een meer liberaal beleid toegepast op Tibet, waarbij geloofsbeoefening ogenschijnlijk meer werd geaccepteerd.
Niettemin bleven religieuze gebruiken onder Chinese controle staan. Zo was het op traditionele manier beoefenen van de leer van Boeddha officieel nog steeds verboden. De liberalisering bestond zodoende eigenlijk alleen uit het terugdraaien van de extremiteiten van de Culturele Revolutie.
|